Afbeelding

Chinese automerken staan gewoon bij de dealer: moet je ze overwegen?

Zakelijk-nieuws-landelijk 28 keer gelezen

Wie de afgelopen jaren niet in de markt was voor een auto, kijkt tegenwoordig verrast naar het rijtje merken bij de dealer. Namen als BYD, Leapmotor, Jaecoo en Omoda zeiden vijf jaar geleden vrijwel niemand iets. Inmiddels rijden ze gewoon door de straat.

De cijfers laten zien dat het geen bevlieging is. In het eerste kwartaal van 2026 verdubbelde het gezamenlijke marktaandeel van Chinese merken in Nederland ruimschoots, tot boven de zes procent. BYD, dat pas in 2022 naar Nederland kwam, heeft inmiddels elf gevestigde Europese en Japanse merken achter zich gelaten.

De vraag die veel mensen zich stellen is simpel: is dat iets om serieus te nemen, of kun je beter bij het bekende blijven?

Waarom ze zo snel groeien

Twee redenen springen eruit.

De eerste is prijs in verhouding tot uitrusting. Chinese fabrikanten leveren doorgaans veel standaard mee, waar je bij Europese merken al snel een optielijst afwerkt. Voor hetzelfde bedrag krijg je vaak een groter scherm, meer rijhulpsystemen en een rijkere uitvoering.

De tweede is timing. Deze merken zijn groot geworden in de elektrische auto, precies het segment waarin de Europese fabrikanten later instapten. Toen de Europese Unie importheffingen invoerde op Chinese elektrische auto’s, verlegden verschillende merken hun aandacht simpelweg naar plug-in hybrides, waar die heffingen niet gelden. Chery, het moederbedrijf van Jaecoo en Omoda, koos in Nederland bewust voor die route.

Niet alle merken zijn hetzelfde

Hier zit meteen het belangrijkste punt voor de consument. “Chinese merken” is geen categorie waar je in één keer iets over kunt zeggen.

BYD is duidelijk de koploper, met een breed modellenaanbod en een netwerk dat het merk zelf opbouwt. Leapmotor groeide in de eerste helft van 2026 hard door, van iets meer dan driehonderd naar bijna tweeduizend registraties, en heeft het voordeel dat het via Stellantis wordt gedistribueerd. Dat betekent toegang tot een bestaand dealer- en servicenetwerk van merken als Peugeot en Opel.

Jaecoo maakte een vergelijkbare sprong, terwijl het zusterlabel Omoda daar duidelijk bij achterblijft. MG, dat al langer op de markt is, lijkt de vaart wat te verliezen, en van sommige kleinere merken kun je je afvragen hoelang ze het hier volhouden. Bij die laatste groep is voorzichtigheid op zijn plaats.

Overigens rijden veel Nederlanders al langer in een auto met Chinees eigendom zonder het te beseffen. Volvo en Polestar vallen onder het Chinese Geely-concern, net als Lynk & Co en Zeekr.

Waar je op moet letten

Vier praktische punten bepalen of een nieuw merk verstandig is in jouw situatie.

Het servicenetwerk
Waar kun je terecht voor onderhoud, en hoe ver moet je rijden? Merken die meeliften op een bestaand netwerk hebben hier een duidelijke voorsprong op merken die alles zelf moeten opbouwen.

De garantie
Nieuwkomers bieden vaak royale garantietermijnen, soms zeven jaar. Prettig, maar lees wel wat er precies onder valt en of de garantie overdraagbaar is bij verkoop.

De restwaarde
Dit is het grootste onbekende. Bij een gevestigd merk weet je redelijk goed wat je auto over vier jaar waard is. Bij een merk dat hier pas twee jaar bestaat, is dat gokwerk. Voor wie een auto koopt, is dat een reëel risico.

De continuïteit
Kijk niet alleen naar het model, maar ook naar het merk erachter. Een fabrikant met schaal en een Europese partner biedt meer zekerheid dan een merk dat hier enkele tientallen auto’s per jaar verkoopt.

Het risico verschuiven

Dat restwaardevraagstuk is precies de reden waarom veel mensen bij een onbekend merk niet kiezen voor kopen, maar voor leasen. Bij private lease draagt de leasemaatschappij het waardeverlies, niet jij. Je betaalt een vast bedrag per maand en levert de auto aan het einde gewoon weer in.

De maandbedragen lopen tussen aanbieders overigens flink uiteen voor exact dezelfde auto. Wie de moeite neemt om te bekijken hoeveel die bedragen per aanbieder verschillen, merkt dat het verschil over een contract van vier jaar makkelijk in de honderden euro’s loopt.

De conclusie

Chinese merken serieus nemen is inmiddels gewoon verstandig. Het aanbod is breed, de prijs-kwaliteitverhouding is scherp en de groeicijfers zijn geen toeval meer.

Maar behandel ze wel als wat ze zijn: nieuwe merken op een markt waar reputatie zich over decennia opbouwt. Kies er een met een fatsoenlijk servicenetwerk in de buurt, lees de garantievoorwaarden, en denk vooraf na over wat je auto over vier jaar nog waard moet zijn.

Doe je dat, dan is er weinig reden om ze links te laten liggen.

Stuur jouw foto
Mail de redactie
Meld een correctie

Uit de krant