
Inwoners eisen verder onderzoek naar bromtonen
Algemeen 1.777 keer gelezenBergschenhoek – De bewoners rondom de Oosteindse Ackers zijn het zat. Al maanden ervaren zij ernstige geluidsoverlast door bromtonen, een probleem dat volgens hen hun gezondheid en dagelijks leven ingrijpend beïnvloedt. Ondanks meerdere onderzoeken is de oorzaak nog altijd niet eenduidig vastgesteld. Bewoners willen dat de gemeente het er niet bij laat zitten, maar vasthoudt aan verder onderzoek totdat de bron boven water is. “De bewoners moeten niet in de steek worden gelaten”, zegt Natasja, die net als vele anderen snakt naar een oplossing.
De gemeente heeft de afgelopen tijd verschillende onderzoeken laten uitvoeren naar de mysterieuze geluiden. Uit onderzoek van Meijer Energy Innovations blijkt dat de geluidsoverlast waarschijnlijk samenhangt met het rioolstelsel. Metingen bij pompputten en regenwaterputten toonden aan dat het geluid van stromend water en het periodiek aanslaan van frequentiegeregelde pompen sterk overeenkomt met het laagfrequente geluid dat bewoners in hun woningen ervaren. Volgens de onderzoekers kan het riool functioneren als een klankkast, waardoor trillingen zich via leidingen en gebouwconstructies verplaatsen en worden versterkt. Het rapport wijst daarom naar de pompputten en rioolleidingen als meest waarschijnlijke bron van de hinder. Ook de DCMR onderzocht de klachten. Hun rapport stelde vast dat inwoners vooral in de avond en nacht een indringende bromtoon ervaren, vaak omschreven als een laag, pulserend geluid vergelijkbaar met een stationair draaiende vrachtwagen. Hoewel er bromtonen zijn gemeten, bleven de waarden ruim binnen de wettelijke normen en kon geen eenduidige bron worden aangewezen. Daarmee staat één conclusie voorop: er is wel degelijk geluid aanwezig, maar de herkomst blijft onduidelijk. Voor de bewoners zijn de rapporten onvoldoende. Zij vinden dat de onderzoeken slechts een deel van het verhaal belichten en hun ervaringen bagatelliseren. “De geluiden zijn zo erg dat je huis op een gegeven moment geen huis meer is”, vertelt Susanne. Zelf was ze een paar dagen weg en dat voelde als een verademing. Samen met andere bewoners voert zij actie door middel van publicaties in de krant, gesprekken met politici en het verspreiden van flyers. “Het is inmiddels een dagtaak geworden”, zegt ze. De klachten die bewoners melden zijn ernstig. Ze beschrijven een eentonige bromtoon, hoge pieptonen en geluiden die lijken op een wasmachine op centrifugestand. Vooral ’s avonds en in het weekend is de overlast volgens hen extreem hard, soms zelfs voelbaar als trillingen in muren en water. Dit leidt tot spanning, slaapproblemen en een groeiend gevoel van machteloosheid. Natasja benadrukt dat het geluid zo doordringend is dat het in je oren blijft hangen. Een andere bewoonster, Debbie, vertelt dat ze al zes weken kampt met aanhoudende hoofdpijn door de bromtoon. Ze probeerde tevergeefs oplossingen te vinden, zoals slapen met natte washandjes op haar oren en het aanschaffen van een noise cancelling-apparaat.
Kritiek en frustratie
Veel bewoners voelen zich bovendien niet serieus genomen door de manier waarop meldingen worden behandeld. Een bewoner uit Lansingerland uit stevige kritiek: “Meldingen worden afgedaan als een losstaand ‘voorval’, terwijl dit een structureel probleem is dat dag en nacht aanwezig is. DCMR verwijst naar de gemeente, de gemeente naar de GGD en de GGD weer terug naar de gemeente. Zo schuiven ze de verantwoordelijkheid van zich af en blijft de melder met de last zitten.” Volgens hem wordt de hinder te vaak als een medisch of psychisch probleem bestempeld, waardoor de oorzaak bij de bewoners zelf komt te liggen. Dat leidt er volgens hem toe dat mensen uit schaamte stoppen met melden, waardoor de omvang van het probleem langzaam uit beeld verdwijnt. Bewoners benadrukken dat ze niet alleen erkenning zoeken, maar vooral een oplossing. Ze vrezen dat het onderzoek van DCMR te eenzijdig is uitgevoerd en belangrijke nuances mist; het feit dat er geen eenduidige bron is. Inmiddels hebben de bewoners ook gevraagd of DCMR en de gemeente willen kijken of de TNO iets voor ze kan betekenen. Ze hopen dat de politiek blijft investeren in nieuw onderzoek en niet berust in de huidige onduidelijkheid.















