
Nieuwe nier voor Paul dankzij donatie van vrouw
Algemeen 103 keer gelezenBerkel en Rodenrijs - Vorig jaar deed Paul van der Meijde door middel van een interview in De Heraut een oproep: hij had een donornier nodig. Inmiddels heeft hij op 9 juli een niertransplantatie ondergaan. Niet naar aanleiding van die oproep, maar omdat zijn vrouw Julia een van haar nieren heeft gedoneerd.
In de kookstudio van zijn vrouw Julia doet Paul zijn verhaal: “Het is fantastisch wat mijn vrouw voor mij heeft gedaan. Wij kunnen als gezin weer verder met ons leven. De nier van Julia matchte niet met mijn nier, maar dat was geen belemmering om mij, via het cross-over programma, tóch een nier te schenken.” Door dit programma kan iedereen donor worden voor iemand anders. In het cross-over programma melden donoren en patiënten zich gezamenlijk aan bij de Nederlandse Transplantatie Stichting. Deze stichting verzamelt de gegevens van alle koppels in Nederland die meedoen aan dit programma. Binnen deze groep wordt er met een computerprogramma naar mogelijk passende koppels (een match) gezocht. Deze matchrondes zijn vier keer per jaar. Paul: “Wij hadden bij de eerste ronde met vier koppels het geluk dat er een match was. Ik heb dus niet een nier van mijn vrouw, maar van iemand anders. Het bijzondere was dat de nier direct na de operatie begon te werken en dat merkte ik direct. Ik voelde mij veel beter. Ongelooflijk toch?” ,,Ik mocht na drie dagen alweer naar huis en naar onze dochter Zarah”, vertelt Julia. ”Paul mocht na een week weer naar huis. Het gaat nu goed met ons, al was het net na de operaties niet makkelijk met een dochter van zeven jaar en allebei de ouders niet optimaal. Maar het is een opgewekt kind en ze heeft het allemaal goed kunnen handelen.” Paul vertelt verder: “We zijn nu twee maanden verder en ik werk alweer halve dagen. Het is wel wennen aan alle anti-afstootmedicatie en aan de bijverschijnselen. Na een niertransplantatie richt het afweersysteem zich tegen de donornier. Medicijnen kunnen, door het afweersysteem te onderdrukken, voorkomen dat het lichaam de nieuwe nier afstoot. In de eerste zes maanden na de transplantatie gebruik je heel sterke medicijnen. Daarna gaat de dosis omlaag. De kans op afstoting blijft bestaan. Daarom moet je de medicijnen de rest van je leven gebruiken. Ik heb mij aangemeld voor een proef waarbij mensen boven de 60 jaar lagere medicatie krijgen. Ouderen hebben vaak meer bijverschijnselen, omdat het afweersysteem verminderd is. Daarnaast moet ik ook alle risico’s op een mogelijke infectie beperken. Grote groepen mensen moet ik mijden en bepaalde producten kan ik daarom beter niet eten. Maar dit is makkelijk vol te houden als je weet, zoals ik, hoe het ook anders kan zijn.”















