
Zorgen om lange wachttijden Veilig Thuis Rotterdam-Rijnmond
AlgemeenLansingerland – De zorgen over de lange wachttijden en de effectiviteit van Veilig Thuis Rotterdam-Rijnmond (VTRR) zijn afgelopen week opnieuw ter sprake gekomen. Al sinds 2019 wordt er gewaarschuwd voor de problematiek rondom onder andere personeelstekorten. Ondanks eerdere erkenning van de uitdagingen door de organisatie zelf en het werkbezoek in 2020, blijft het probleem bestaan. De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) heeft onlangs de risico’s van de lange wachttijden opnieuw benadrukt. In Lansingerland blijkt de situatie zelfs zorgwekkender dan het regionale gemiddelde.
Paul Lieverse (ChristenUnie) uitte zijn ernstige zorgen over de prestaties van VTRR, met name in Lansingerland. Hij verwees naar gegevens die aantonen dat de organisatie de wettelijke kwaliteitsnormen niet haalt, met als gevolg dat onveilige situaties mogelijk niet tijdig worden opgepakt. Dit vergroot het risico voor kwetsbare gezinnen. Lieverse benadrukte dat er concrete doelen en deadlines moeten komen, evenals strengere controles op Veilig Thuis en de GRJR-partners. Hij pleitte voor een actieplan van de wethouder met regelmatige voortgangsrapportages. “Mensen zijn afhankelijk van Veilig Thuis en wij moeten zorgen dat het systeem niet langer faalt”, aldus Lieverse.
Jan Alsemgeest (WIJ Lansingerland) bevestigde dat de zorgen over de organisatie al jarenlang bestaan, zowel regionaal, als landelijk. Hij merkte op dat de Raad niet regelmatig wordt geïnformeerd over de situatie bij VTRR. Dat is pas nadat er vragen worden gesteld. Alsemgeest stelde voor dat de Raad voortaan standaard deze informatie ontvangt. Eric Kampinga (VVD) richtte zich vooral op het proces en de uitvoering van de organisatie. Hij vroeg zich af waarom het college onvoldoende aandacht zou besteden aan dit belangrijke onderwerp, gezien de grote bezuinigingsopgave van de gemeente. Kampinga benadrukte dat prioriteiten moeten worden gesteld om de ambtelijke capaciteit niet te overbelasten, maar ook dat de effectiviteit van de norm kritisch bekeken moet worden om verbetering te realiseren. Leon Erwich (L3B) benadrukte de ernstige situatie van de lange wachttijden, die ondanks pogingen in 2023 om de wachtlijst te halveren, nog steeds zorgwekkend zijn. Hij wees op de slechte resultaten, waarbij slechts 45% van de veiligheidsbeoordelingen binnen de wettelijke termijn van vijf werkdagen werd afgerond. Dit ligt ver onder de norm van 80%.
Sander Smolders (D66) benadrukte het belang van een snelle opvolging van signalen en meldingen bij VTRR. Hij merkte op dat de afname van de wachtlijst tussen februari en september een positieve trend lijkt, maar dat de Raad beter geïnformeerd moet worden over de duurzaamheid van deze verbeteringen. Smolders stelde voor dat VTRR de kans krijgt om deze verbeteringen verder te bewijzen. Sonnie Biharie (PvdA) legde de nadruk op de ernst van de lange wachttijden, vooral voor kinderen die op de wachtlijst staan. “Elk kind op de wachtlijst is er één te veel”, aldus Biharie. Ze pleitte voor een proactieve benadering van de Raad en vroeg zich af waarom belangrijke partners, zoals scholen, niet eerder worden betrokken bij het signaleren van risico’s. Biharie vroeg ook om duidelijkheid over het toezicht op VTRR en welke maatregelen er worden genomen om de structurele problemen aan te pakken. Selgei Gabin (GroenLinks) deelde de zorgen van haar collega’s en benadrukte dat een deel van de veiligheidsbeoordelingen niet op tijd wordt uitgevoerd, wat het risico vergroot voor de meest kwetsbare inwoners. Ze pleitte voor heldere afspraken, verbetermaatregelen en een proactieve rol voor de gemeente Lansingerland.
Reactie wethouder
Wethouder Leon Hoek erkende dat er problemen zijn met het tijdig oppakken van reguliere meldingen bij VTRR, door een hogere instroom dan verwacht, personeelstekorten en de nasleep van de coronaperiode. Hoek gaf aan dat er maatregelen zijn genomen, zoals de inzet van externe partijen en de oprichting van een tijdelijke stuurgroep om de situatie te verbeteren. Hij benadrukte de noodzaak om extra middelen in te zetten om het personeelstekort aan te pakken.