
Oud en nieuw
'En toen acht dagen vervuld waren, en men het Kind besnijden moest, werd Hem de naam Jezus gegeven, die genoemd was door de engel voordat Hij in de moederschoot ontvangen was.'
- Lukas 2:21
‘Oud en nieuw’ liggen weer achter ons. Wij weten dan direct dat we het hebben over 31 december en 1 januari. Maar in onze Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden is het ‘pas’ rond de invoering van de Gregoriaanse kalender in 1582-1583, dat 1 januari het begin van het nieuwe jaar werd.
Voorheen liet men het nieuwe jaar wel met maart beginnen. Niet zo vreemd. Dán komt het frisse leven weer tevoorschijn! Vandaar de 28 (rest)dagen van februari. In de kerkgeschiedenis heeft men ook wel geprobeerd het nieuw jaar met kerst te laten beginnen. Wat is er mooier dan het nieuwe jaar beginnen met de geboorte van Christus? Hoewel we uiteraard beseffen dat de Heere Jezus waarschijnlijk rond de zomer is geboren – Zelfs in de velden van Efratha lopen hartje winter geen schapen rond.
Toch heeft de kerk ook wat met 1 januari: De dag van de besnijdenis én de naamgeving van Christus. Het is immers de achtste dag (25 december meegeteld) na de geboorte van Christus. Jezus was en is een Jood en werd dus ook besneden én kreeg op de achtste dag Zijn Naam: Jezus. Die naam had de engel aan Jozef en Maria bekendgemaakt. Wat betekent dat? Dat zegt de engel erbij: ‘Want Hij zal Zijn volk bevrijden van al hun zonden’ (Mattheus 1:21).
Jezus is én heet ‘Redder’. Dat zegt in ieder geval twee dingen. Dat mensen bevrijdt moeten worden van hun opstand tegen God (als we heel eerlijk worden beamen we dat toch?) én dat er bevrijding is bij Jezus. Zo is God! Over Zijn Naam is ook zo’n mooi lied: Daar ruist langs de wolken een lieflijke Naam. Google er maar op en luister daar eens naar. Als die Naam je lief is dan heb je het oude laten varen en vangt het nieuwe leven aan. Dat leven wens ik u van harte toe!
Ds. J. van Vliet
Predikant Hervormde Wijkgemeente Het Anker, Bleiswijk