
In de zweefmolen sloeg de vonk over
AlgemeenBleiswijk – Verliefd als ze op elkaar waren gingen Loek Luiten (toen 21 jaar) en Leni in ‘t Veen (destijds 17) samen op de foto. Moeder In ‘t Veen zag het gebeuren en trok uit het gekartelde ietwat vergeelde zwartwit prentje haar conclusie: ‘Samen op een prentje, dan is de liefde gauw aan ‘t eindje’. Ze kreeg ongelijk.
Loek en Leni trouwden op 18 december 1964 voor de wet. Dat gaf een fiscaal voordeel. Een jaar later, op 9 oktober 1965, trouwden ze voor de kerk. Voor hen, hun drie kinderen en vijf kleinkinderen is 18 december echter de dag waarop ze alweer zestig jaar lang stilstaan bij hun huwelijk. Dus kwam burgemeester Pieter van de Stadt op die bewuste woensdag met de originele trouwakte als cadeau langs om hen te feliciteren. Het was op de middelbare school dat stille aanbidder Loek viel voor de charmes van de vier jaar jongere Leni. Die zag hem niet staan. Zij had op dat moment louter oog voor haar vriendje en diens Porsche Cabriolet. Leni: “In zijn auto gingen we op vakantie naar Spanje. In die tijd mocht ik niet veel van mijn vader. Maar dat ik als 17 jarig meisje met een jongen naar Spanje ging, vond hij weer geen probleem.” Meer dan die vakantie zat er voor het vriendenstel niet in. En dus kon het gebeuren dat Loek op de kermis Leni zonder vriendje tegenkwam. Loek: “In de zweefmolen sloeg bij haar de vonk over.” Leni: “De zweefmolen vond ik eigenlijk best eng. Ook omdat Loek die in het bakkie achter me zat, voortdurend met zijn voet tegen mijn stoeltje schopte. Dat uitsloven was zijn manier om mijn aandacht te trekken.”
De verkering werd na twee jaar bezegeld met een verloving. Weer twee jaar later trouwden ze. Getrouwd of niet, van samenwonen was geen sprake. Dat mocht midden vorige eeuw pas na de kerkelijke huwelijksinzegening. Aan de andere kant, het prille echtpaar had ook nog geen huis. Dat werd later de bedrijfswoning op hun tuinderij aan de Hoekeindseweg in Bleiswijk; het dorp waar beiden zijn geboren en getogen. Loek: “We hebben die tuinderij dertig jaar gehad. Dat was hard werken. De concurrentie was groot. Als tuinder was je ook afhankelijk van de veiling. Die had grote invloed op de tuinders. Ik vergeleek de veiling altijd met het casino. Het ene jaar verdiende je goed. Het andere jaar had je niks. Om de concurrentie te ontlopen zijn we van groente overgestapt op jaar-rond-Chrysanten. Ik was de eerste die ermee kwam. De zaken gingen goed. Tot de concurrentie dat in de gaten kreeg en veel tuinders overstapten naar de jaar-rond Chrysant.” Na dertig jaar van noeste arbeid en een onzeker bestaan verkocht Loek de tuinderij en verhuisde het gezin naar Waddinxveen. Om na tien jaar terug te keren naar Bleiswijk. Leni: “We wilden terug naar waar we geboren en getogen zijn.”