vrijdag 10 juli 2020 | week 28
Home » Politiek » Reactie op onrust in gemeentehuis
Lansingerland - De anonieme briefschrijvers die in hun open brief aan het college van b. en w. en de fracties van de gemeenteraad het slechte functioneren van het ambtelijk apparaat aan de orde wilden stellen, hebben gereageerd op het paginagrote interview hierover in De Heraut van 10 juli jl. met burgemeester Pieter van de Stadt.

Reactie op onrust in gemeentehuis

Reactie op onrust in gemeentehuis

Lansingerland – De anonieme briefschrijvers die in hun open brief aan het college van b. en w. en de fracties van de gemeenteraad het slechte functioneren van het ambtelijk apparaat aan de orde wilden stellen, hebben gereageerd op het paginagrote interview hierover in De Heraut van 10 juli jl. met burgemeester Pieter van de Stadt.

Freek J. Zijlstra

De briefschrijvers hebben hun derde brief niet alleen naar het college gestuurd, maar deze keer ook het complete pakket naar de redactie van De Heraut. Dat stelt ons in de gelegenheid hun constateringen, kritiek, beschuldigingen en conclusies te toetsen aan de informatie die wij zelf van onze bronnen ontvingen en de gesprekken met de burgemeester, waarvan wij zo uitgebreid mogelijk verslag hebben gedaan.
De bedoeling van dit artikel is om de briefschrijvers te laten weten dat wij hun post ontvangen hebben en zo nodig de inwoners vollediger op de hoogte te stellen door de aanvullende informatie die wij nu door inzage in de stukken hebben. Op basis daarvan achten wij het niet zinvol het gesprek met de burgemeester nog eens over te doen. Het staat het college natuurlijk vrij om alsnog met een verklaring te komen, die wij uiteraard onverkort zullen publiceren.

De eerste twee brieven

De briefschrijvers presenteren zich als een groep verontruste inwoners met familieleden en kennissen die binnen de ambtelijk organisatie werkzaam zijn. Zij kiezen voor de anonimiteit om zo hun relaties te beschermen en niet onnodig bloot te stellen aan ‘lijden’. Ze noemen in hun brieven geen namen, maar wel functies.
De eerste brief richt zich voornamelijk op het effect van de recent ingezette reorganisatie op de teammanagers, dat zijn voormalige teamhoofden die niet alleen een opwaardering van hun functie, maar ook een verzwaring van hun taak op hun bord gekregen hebben. (Men moest overigens naar de functie in het middenkader solliciteren, fjz). Die teamhoofden kregen in het verleden goede beoordelingen, maar worden in hun nieuwe rol nu opeens onvoldoende geschikt geacht of krijgen de kwalificatie dat de functie toch te hoog gegrepen zou zijn.
Volgens de briefschrijvers heeft de vorige gemeentesecretaris ingezien dat de reorganisatie niet haalbaar was en zet de huidige gemeentesecretaris dit rücksichtslos door. Onder zijn bewind konden domeindirecteuren het niet waarmaken en nu worden op allerlei sleutelposities externen ingehuurd, waardoor de personeelskosten explosief toenemen.
In de brief wordt gewag gemaakt van vriendjes die zo’n (tijdelijke) positie krijgen en kosten wat het kost in hun opdracht zullen slagen. De toenemende onvrede op de werkvloer wordt benoemd, een angstcultuur of een ronduit verziekte werksfeer. Het gemis van een daartoe opgeleide HRM’er die inhoudelijk leiding geeft aan Personeel & Organisatie wordt sterk gevoeld.
In de tweede brief worden nog wat accenten aangebracht. Men constateert dat de gemeentesecretaris in de functie van Algemeen Directeur niet weet wat er op de werkvloer leeft. Als eindverantwoordelijke zou dat wel zo moeten zijn. De tweede brief gaat verder in op de falende begeleiding en scholing van leidinggevenden. Maar ook hoe het bijna onmogelijk is bij ernstig verstoorde verhoudingen naar behoren te (blijven) functioneren.

De derde brief

De conclusie van de briefschrijvers is dat een angstcultuur op de werkvloer altijd wordt veroorzaakt door het management. Ze stellen onomwonden dat de organisatie wordt geregeerd door angst en dat – als dit het topje van de ijsberg is – de organisatie een levensgroot probleem heeft.
Managen betekent volgens de briefschrijvers: leiding geven, aansturen, coachen, overzicht houden, vragen stellen, oriënteren op de werkvloer, etc. Dat zijn andere competenties dan waarop volgens de burgemeester is geworven: ‘drive, tempo maken en doen’.
De briefschrijvers gaan puntsgewijs op het interview met de burgemeester in en stellen onder andere vast dat hij in de verdediging gaat door de oorzaak bij de economische crisis en bezuinigingen te leggen. Ze zijn pijnlijk getroffen door zijn constatering dat het niveau van ambtenaren te laag was, benoemen nogmaals het ontbreken van een opleidingsplan en zijn verbaasd over zijn hooggespannen verwachtingen van praatsessies. Niemand zegt daar dan ineens wat hij/zij vindt.
Tot slot constateren de briefschrijvers een radiostilte bij de gemeenteraad. Als dat zo blijft zullen de gevolgen niet uitblijven, denkt men.