donderdag 6 augustus 2020 | week 32
Home » Algemeen » “Ik was niet meer in staat om na te denken”
Marijke Wessel schilderde de nadelige gevolgen van de coronacrisis van zich af op een doek van twee bij drie meter. "De situatie was ineens zo onwerkelijk." Foto: Arie van Driel.

“Ik was niet meer in staat om na te denken”

Marijke Wessel schildert coronacrisis van zich af

“Ik was niet meer in staat om na te denken”

Berkel en Rodenrijs – Ook voor kunstenaars heeft de coronacrisis consequenties. Hoe houden zij zich staande in een periode waarin geen exposities of workshops kunnen worden gehouden. We gingen op zoek naar kunstenaars in Lansingerland en spraken met hen. Deze week hadden we een ontmoeting met Marijke Wessel, autonoom kunstenaar en eigenaar van atelier Kunstbreak in Berkel en Rodenrijs.

Arie van Driel

Ongeloof. Onwerkelijk. Voor Marijke Wessel persoonlijk was het begin van de coronacrisis niet te vatten. Ze had zelfs tijd nodig om wat er gebeurde, te verwerken. “Ik was ineens niet meer in staat om na te denken. Ik zag zelfs de gevolgen van de coronacrisis voor Kunstbreak niet eens onder ogen. In mijn hoofd was het plotseling zo onwerkelijk allemaal.”
Ze besloot haar hoofd leeg te maken door de shit van zich af te schilderen. Het resultaat – een realistische kijk van twee bij drie meter – hing aanvankelijk voor het raam van haar studio, maar staat inmiddels opgerold in een hoekje van haar atelier. Ze noemt het haar coronaschilderij. Alles wat erom haar heen gebeurde, liet ze in het kunstwerk terugkomen. Mensen die zo normaal mogelijk doen door muziek te maken. Artsen die levens redden. De pakken toiletpapier verwijzen naar de hamsteraars. Haar missie slaagde. Met het afronden van haar sindsdien laatste schilderij, landde ze figuurlijk weer op aarde.

Discussie

“Voor de crisis met corona werkten we in Kunstbreak met groepen van twaalf cursisten. Van de één op de andere dag konden we geen enkele les meer geven. Een aantal van de docenten heeft hun cursisten wekenlang online lessen gestuurd. Op die manier hielden we contact met de cursisten en verloren we elkaar ook niet uit het oog. Toen we na 1 juni weer voorzichtig aan mochten beginnen, zijn we samen met de acht docenten die hier een atelier huren, om de tafel gaan zitten. “Hoe pakken we de situatie aan? Als docenten geven wij les aan groepen mensen. Waar wij tegenaan lopen, geldt voor veel mensen die met anderen in een ruimte werken. Want hoe streng en strikt je ook de regels opvolgt, dan nog kun je niet voorkomen dat er iemand besmet raakt. Dat was best een pittige discussie. Wat als er inderdaad iemand hier besmet raakt? Voor ons woog dat zwaar in het nemen van beslissingen.”

Looplijnen

Vanaf 1 juni is Kunstbreak weer open voor halve groepen. Eén van de belangrijkste protocollen is het verplichte schoonmaakrondje na een cursus. Lijnen van rode stippen geven de looplijnen aan. Schilderijtjes van 10 bij 10 cm markeren de plek waar de stoel waarop je zit, moet (blijven) staan.
Marijke: “Ik merk aan de cursisten dat ze de anderhalve meter maatregel lastig vinden. Maar ze doen in elk geval hun uiterste best om die zo goed mogelijk na te leven.”