maandag 10 december 2018 | week 50
Home » Heden & Verleden » Willem van Wijk “de violist”
Spelend voor een prachtig oud huisje aan de Noordeindseweg ongeveer tegenover de Vogelaarstraat.

Willem van Wijk “de violist”

In deze aflevering (170) van Heden & Verleden een bijdrage van Ed Jensen over de legendarische Willem van Wijk uit Berkel en Rodenrijs.

Wie wil reageren of ideeën heeft voor Heden & Verleden kan contact opnemen met de redactie: tel. 010 – 5118892 (keuze 2) of redactie@de-heraut.nl.

Door Ed Jensen

Willem van Wijk “de violist”

Hij is geen burgemeester geweest, geen verzetsheld uit de Tweede Wereldoorlog en zelfs geen bekende winkelier of zo, maar Willem van Wijk is wel voor vele inwoners uit het oude Berkel en Rodenrijs een legendarisch figuur in hun herinneringen!

In de jaren zestig was Willem (toen ongeveer vijftig jaar) altijd onderweg met zijn viool, liep vele kilometers per dag, waarschijnlijk niet alleen in Berkel en Rodenrijs, maar ook zo maar ergens in het grote gebied tussen Pijnacker en Rotterdam. Kenmerkend waren zijn lange leren jas en van die dikke brillenglazen, hij was bijna kaal en had een spitse neus. Hij heeft op de HBS gezeten en is toen ‘doorgedraaid’ zoals men zei. Als je naar hem kijkt, zie je een stukje prachtige geschiedenis.
Hij woonde toentertijd met zijn broer achter het station Berkel, direct na de spoorovergang, in een groot wit ‘Amerikaans’ houten huis, met een lange middengang. Het was aan de Polderweg in Oude Leede. Zijn broer Albert overleed rond 2013. Het huis staat er anno 2018 nog steeds.
Hij sprak en zong met “consumptie” dus gaven de mensen wat geld en zeiden dat hij niet hoefde te zingen. En hij kon vloeken als de beste, dat was naast zijn vioolspel en het sproeiend spreken het derde negatieve punt van Willem.
Bij Christenen zong hij een psalm en bij socialisten speelde hij “de rooie kraaienmars”. Het liefst zong hij in een storm, lopend over de Klapwijkseweg.
Hij zong altijd als hij liep op weg naar huis. Hij belde overal aan en begon dan ongevraagd op zijn viool te “spelen”. Alleen die vioolkist was al de moeite waard. Iedereen wist wie Willem was, en accepteerde hem voor wie die was, mensen luisterden naar het eerste liedje en riepen dan voor dat die aan het tweede begon “ja fijn Willem, hier is een dubbeltje”.
Je hoorde Willem al van verre zingend en meestal ook vloekend aankomen. Soms stond hij weer te vloeken in een winkel als het regende en hij weinig gevangen had, hij kwam dan geld wisselen en daarna ging hij naar de kroeg in Rotterdam. Ook in de slagerij kwam hij zingen en spelen voor beleg op zijn brood. Na één liedje kreeg hij dan al zijn beloning. Hoewel hij toch een thuis had, is Willem ook wel eens gesignaleerd in het zwembad aan de Sportlaan, zich wassend met spons en zeem. Wellicht omdat hij zoveel onderweg was en grote afstanden aflegde.

Plezier

Maar hij deed veel mensen, wellicht onwillekeurig, ook veel plezier. Hij kwam bijvoorbeeld ook in het Rodenrijs, altijd tegen etenstijd, en kinderen vonden het altijd prachtig dat hij zo zat te hakken met zijn kin op zijn viool. Soms kreeg hij wat geld, ook wel eens een paar boterhammen met kaas die hij dan in zijn vioolkist opborg, waarschijnlijk voor latere consumptie.
Hij liep wat af, men vroeg zich af hoeveel kilometers Willem wel liep op een gemiddelde dag. Je kwam hem rustig tegen op de Molenweg, komend uit de Oude Leede, en dan later op de dag ergens op de Noordeindseweg, en dan moest hij toch ook weer naar huis lopen in Pijnacker, geweldig toch!!
Andere herkenbare punten waren Noordeindseweg hoek Julianastraat, en ook in de Kerkstraat bij de Hervormde school. Als de kinderen dan zeiden: “Willem daar komen de Russen”, dan sloeg hij op tilt.
Ook bij snackbar ’t Tunneltje in het Rodenrijs was Willem een veel en graag geziene gast.
Willem kwam iedere week in de fietsenzaak in het Noordeinde viool spelen voor zijn zakcentje en dan ging hij daarna bij café Het Noorden een drankje halen. Want Willem van Wijk kon best wel viool spelen en speelde dan ook regelmatig in dat café.

Hoes

Typisch voor Willem was dat hij blijer was met twee centen dan met één stuiver! Willem was ook apetrots op de hoes voor zijn viool die hij gemaakt had van een oud biljartlaken dat hij van de eigenaar van “Het Noorden” had gekregen. Zelf in elkaar genaaid, met verschrikkelijk grove rijgsteken.
Veel kinderen waren als de dood voor Willem. Als moeder niet thuis was gingen ze onder de vensterbank in de woonkamer zitten zodat hij hen niet zag. En hoe harder het regende, hoe harder hij speelde. Als Willem door de regen aankwam zei men “Willem, laat je koffer maar dicht, hier heb je een dubbeltje en ga maar gauw verder”. Willem zong dan het liedje “Onze lieve heer, wat geef je toch een rotweer” en vervolgde zijn weg.
Iedere zaterdagmiddag kwam hij ook bijvoorbeeld in een voortuin aan het Tuinpad zijn deuntje spelen. Hij heeft zelfs aan een dochter des huizes beloofd dat zij later zijn viool zou erven.
Ook bij families aan de ‘tweede’ Zuidersingel kwam hij meestal op zaterdag aan. Hadden die kinderen net in de zinken teil hun wekelijkse schrobbeurt gehad en dan konden ze genieten van Willem zijn optreden. Ja, dat roept nog veel meer herinneringen op. Alsof het nog maar pas geleden is.
Als kind aan Willem vragen hoe laat het was, was ook één van de standaard grappen of vragen. Want dan werd met een zwierig gebaar de vioolkist op de weg gezet en met een even zwierig gebaar werd de pols met het horloge ontbloot en werd de tijd medegedeeld. Dat werd door veel kinderen zo gevraagd, en als je geluk had barstte Willem ook nog uit in gezang… waarop de kinderen snel wegfietsten.

Over zijn overlijden is niets officieel bekend, maar men denkt dat hij in de trein in elkaar is gezakt, hartaanval.

Bron: aquarelafbeelding verkregen van Klaas Eldering, gemaakt door zijn vader Siep Eldering.
De foto’s van Willem van Wijk zijn via Coen van Wijk (geen familie).
De teksten zijn een compilatie van opmerkingen gemaakt op de Facebookpagina van “Oud Berkel Rodenrijs”, samengesteld door Ed Jensen.

Check Also

Rond een eeuw geleden veranderde er veel voor de Hoekse schooljeugd

In Bergschenhoek was er halverwege de 19e eeuw slechts één school. Het was een algemene school waar christelijk onderwijs gegeven werd. Door de Grondwet van 1848 kwam daar verandering in.

Geef een reactie